
Boek ‘Hoge nood en andere beestachtigheden’ over belevenissen op de dierenambulance
· leestijd 1 minuut AlgemeenZWOLLE - Wat maakt iemand die op de dierenambulance werkt allemaal mee? Met welke dieren krijgt hij of zij zoal te maken? Allemaal vragen die beantwoord worden in het onlangs verschenen boek ‘Hoge nood en andere beestachtigheden’. Het boek staat vol met verhalen uit de praktijk, opgetekend door Ermin de Winkel en is nu bij elke boekwinkel te bestellen voor vijfentwintig euro.
(door Ingrid Oosten)
Veertien boeken schreef de Winkel eerder over zijn belevingen als stuurman op een vrachtschip. Dat kwam weer doordat anderen vroegen ‘Wat doe je zoal als je op zee zit?’ De hele wereld heeft hij overgevaren en dat is in die boeken te lezen. Maar toen ging hij met pensioen en na hele dagen computerspelletjes te hebben gespeeld was het tijd om zichzelf nuttig te maken.
De Winkel: “In het begin had ik geen ervaring met dieren, maar na twee jaar op de dierenambulance te rijden kan ik wel zeggen dat ik veel heb gezien en gedaan. Het gaat er vooral om dat je samen met de centrale een beslissing moet nemen en dat was ik in mijn werk als stuurman wel gewend. En je boerenverstand gebruiken helpt ook enorm.”
Op de voorkant van het boek staat een hoogwerker van de brandweer afgebeeld. Het verhaal dat erbij hoort: “Een boer had in de gaten dat de jonge ooievaars die op zijn erf in het nest zaten door hun ouders verlaten waren. Dat doen ooievaars, dan moeten de jongen het zelf doen, maar deze keer waren de ouders te vroeg vertrokken. De boer en iemand van de Vogelbescherming hebben eendagskuikens naar het twaalf meter hoge nest gegooid, maar dat verliep niet optimaal, dus werden wij ingeschakeld. Er bleek een jong al te zijn overleden, een op sterven na dood en twee waren redelijk. We hebben ze naar stichting Flappus gebracht en daar is er een overleden en die andere twee zijn aangesterkt. Na een paar dagen hebben we ze weer nabij het oude nest teruggeplaatst. En weer een paar dagen later kregen we bericht van de boer dat de ouders weer waren teruggekeerd en dat ze nu met zijn vieren door de wei liepen. Dat is wel een goed succesverhaal, ja.”
Per seizoen verschillen de meldingen. In het voorjaar zijn het vooral kleine vogeltjes die uit het nest zijn gevallen. Ook komen ze op de dierenambulance vaak verwilderde katten tegen, die vangen ze, steriliseren ze en daarna worden ze weer uitgezet op de plaats waar ze zijn gevonden. De Winkel: “Verwilderde katten zijn uiteraard niet gechipt, maar ik raad iedereen aan zijn eigen kat wel te chippen, zodat wij de dieren ook zo snel mogelijk weer met hun baasje kunnen herenigen.”
Maar dit derde boek vertelt ook over een gewonde bever, een kat met een dwarslaesie en een rekening van zevenhonderd euro van de dierenarts die daarop volgde, over cavia’s en reigers, konijnen en honden. Kortom: genoeg variatie in het nieuwe boek ‘Hoge nood en andere beestachtigheden’.

























