Hugo van der Spek, Mandy van der Weijden en de studenten/instructeurs Lotte Melkert en Cyriel Klosse
Hugo van der Spek, Mandy van der Weijden en de studenten/instructeurs Lotte Melkert en Cyriel Klosse Foto: Ingrid Oosten.

Zelfredzaamheid en plezier zijn de belangrijkste ingrediënten van Fibby Zwemclub

· leestijd 1 minuut Algemeen

ZWOLLE - Waarom leren ouders hun kinderen wel zelf fietsen, maar wachten we voor zelfredzaamheid in het water jaren voordat zwemles start? Bij de Fibby zwemclub leren ouders hun eigen kinderen vanaf twee jaar oud zelfredzaam te worden in het water en dat met veel spelplezier.

(door Ingrid Oosten)

Oprichter Hugo van der Spek, vader van twee kinderen, kampeerde vaak bij het water. “Ik vond het altijd spannend met het water, waardoor ik geen rust had. Totdat een moeder een oud drijfding uit Spanje liet zien. Een onderneming was geboren.” Van der Spek gaat met een industrieel werker aan de slag en heeft nog lang gesleuteld aan wat uiteindelijk ‘de Fibby’ is geworden.

Eerst heeft van der Spek het bij zijn eigen kinderen uitgetest, waarna contact is gezocht met Dutch Don’t Drown foundation, want verdrinkingsdood staat wereldwijd op de derde plek van kindersterfte. “Door Fibby’s kantelmechanisme bewegen kinderen in een natuurlijke zwemhouding in het water. Maar ze moeten wel zelf iets doen om het gezicht boven water te houden: watertrappelen, balans houden en het gezicht optillen.”

Er is ook een app ontwikkeld die ouders en kinderen spelletjes aanreiken om zo samen te zorgen dat het kind zelfredzaam is in het water. “Sommige ouders gaan zelf fanatiek aan de slag en andere ouders kiezen ervoor om zich in kleine groepjes bij de Fibby zwemclub aan te sluiten.” Mandy van der Weijden, verbonden aan hogeschool Windesheim CALO, vult aan: “Wij leren de ouders een groot arsenaal van spellen aan waarmee ze zelf kunnen experimenteren.”

Naar de reguliere zwemlessen gaan kinderen tussen de vier en acht jaar. Ze leren dan allemaal op precies dezelfde manier beter zwemmen. Van der Weijden: “Maar dit wordt opgeslagen in het denkgeheugen, wat daarop staat beklijft nog niet. Vandaar ook dat alle badmeesters en -juffen erop hameren dat je na het diploma moet blijven oefenen. Door spelenderwijs zwemmen aan te bieden zal het geleerde minder snel wegzakken. Daarom kunnen kinderen vanaf twee jaar bij ons terecht.”

Als je kan tennissen op gras wil dat nog niet zeggen dat je ook op gravel even goed kan spelen. Dat is de reden dat ze bij Fibby zwemclub ook naar de Wijthmenerplas gaan. Want zwemmen in zwembad water is toch echt wat anders dan zwemmen in natuurwater. Waar de temperatuur en de helderheid anders zijn. Ook daar moeten kinderen ervaren dat het anders is, maar dat ze dat ook kunnen. Van der Weijden: “We leren kinderen zoveel mogelijk variatie aan, daarmee zorgen we dat het beklijft. Ze gaan met hun billen, met hun hoofd en gedraaid van de glijbaan, zodat ze op alle mogelijke manieren in het water belanden. Hierdoor leren ze op allerlei situaties oplossingsgericht te handelen.”

Dromen hebben de twee nog volop. Ze willen Fibby zwemmen niet alleen in Nederland introduceren, maar wereldwijd. Zodat kinderen leren om vanuit het water op de kant te geraken en er minder kinderen wereldwijd zullen verdrinken. “Onder de vlag van stichting Dutch Don’t Drown is een groep studenten van Windesheim nu bezig in Indonesië om daar mensen op te leiden tot Fibby instructeurs. Hierin doen honderd kinderen mee aan het eerste programma. Een begin voor een wereldwijd zwemsucces.”


Gerard Meijeringh

Abonneer gratis

op de digitale krant en ontvang
deze wekelijk in je mailbox.