
Schuilkerken van Zwolle 2: Katholieke kerk
· leestijd 1 minuut AlgemeenZWOLLE -- In de 17de en 18de eeuw waren er in Zwolle schuilkerken. Dat zijn plekken die vanaf de openbare weg niet te zien zijn en die vluchtroutes hebben ingeval van invallen door de schout (politiecommissaris). Gelovigen mochten hun geloof niet in het openbaar belijden, maar waren genoodzaakt om schuilkerken te gebruiken. In Zwolle ging het om de Katholieke, Lutherse en Doopsgezinde Kerk. In dit tweede deel: de Katholieke kerk.
(door Ingrid Oosten)
Als in 1580 het stadsbestuur de kant van de Reformatie kiest, vervallen de bezittingen van de Sint Michaëlskerk en Onze Lieve Vrouwekerk aan de stad Zwolle. De monniken verlaten de Bethlehemkerk en de Broerenkerk. Omdat de parochies officieel zijn opgeheven, vormen zich nieuwe groepen met katholieken. Deze groepen worden ‘staties’ genoemd. Aan het einde van de 17de eeuw zijn er vier: twee jezuïeten staties: in de Koestraat en het Hoornsteegje. Daarnaast zijn er twee seculiere staties; Onder de Bogen en in de Spiegelsteeg.
Het kerken gebeurt bij mensen thuis. De ruimte waar de mis wordt opgedragen is niet als schuilkerk herkenbaar. Op afgesproken tijden komen vanuit de verstopplekken de miskelken, kandelaren en misgewaden tevoorschijn om de mis te vieren. Paulus ten Doeschate, voorzitter van de culturele commissie van de Onze Lieve Vrouw basiliek: “Veel kerkgangers gingen bij de buren naar binnen, en konden via geheime doorgangen naar de schuilkerk. Anders zou het te veel opvallen als bij het ene huis elke week zoveel bezoek kwam. Ook was het belangrijk dat er voldoende vluchtwegen waren.”
Het Zwolse stadsbestuur is er op gespitst om ‘paapse stoutheid’ te ontdekken. Ten Doeschate: “Dat was niet alleen omdat het stadsbestuur protestants was, maar veel meer om stevige boetes te kunnen uitdelen en de gemeentekas te spekken. Bij een boete moest men vijfentwintig tot duizend Caroligulden betalen, terwijl het maandloon vijfentwintig Caroligulden was. Werd men nog een keer gepakt, dan werd men uit de stad verbannen.”
Vanaf 1674 wordt de mis gedoogd en daarom wil pastoor van Someren in 1669 de Statie Onder de Bogen verbouwen tot kerkgebouw, daarvoor wordt er bouwmateriaal aangesleept. “De pastoor dacht slim te zijn en een protestantse burgemeester, die aannemer was, de opdracht te gunnen. Die zou men niet zo snel aanpakken. Dat viel tegen en het stadsbestuur greep in, waarna er een hoge boete volgde.” In 1670 wordt ook nog bepaald dat katholieken niet meer naast elkaar mogen wonen. Hierdoor kunnen ze de geheime (door)gangen niet meer gebruiken.
Veel katholieke kunst in Zwolle overleefde de Reformatie via de Emmanuel-huizen. Dit waren geen schuilkerken maar een hofje voor oude dames. Daar zijn veel oude boekwerken van nog voor de Reformatie, soms gerelateerd aan de Moderne Devotie, bewaard. Ook schilderijen, een huisaltaar en negen aflaatbrieven (1399-1454) hebben de oude dames verstopt. “De buitenwereld had niet in de gaten dat deze vrouwen verbonden waren met de Katholieke Kerk en dus konden de voorwerpen daar jarenlang liggen zonder dat iemand ooit vragen heeft gesteld en kunnen we er nu nog steeds van genieten.”
Deel1: https://www.deswollenaer.nl/nieuws/algemeen/324732/schuilkerken-van-zwolle-1-inleiding


























