
Padeller Pepijn Schunselaar slaat steeds meer zijn eigen slag
· leestijd 3 minuten Sport(door Erik Riemens)
ZWOLSE ZOMERGASTEN - In de zomermaanden start de sportredactie van De Swollenaer met de rubriek Zwolse Zomergasten. Een serie interviews met sportieve Zwollenaren. Vandaag deel 6: Padeller Pepijn Schunselaar (16), die na het afgelopen jeugd EK, alweer gretig uitkijkt naar een nieuw padelseizoen. ”Het kan altijd beter.”
Begin mei kreeg de geboren Zwollenaar bericht van de KNLTB. Hij was een van de vier Nederlandse jeugdpadellers die in zijn leeftijdscategorie - de O16 - mee mocht naar het EK in Porto. Ook plaatsgenoot Benjamin Holthuis maakte deel uit van de selectie. Zondag 5 juli keerde Pepijn na tien dagen terug.
Oranje bereikte de Final Eight, maar moest het daarin afleggen tegen de heersende landen, zoals Italië, Frankrijk en België. Ook de wedstrijden om de vijfde en uiteindelijk zevende plaats gingen verloren tegen Zweden en Denemarken, waardoor de Oranje jongens uiteindelijk als achtste eindigden.
Weggetikt
”Je merkt aan alles dat de spelers van die landen veel vroeger begonnen zijn met padel. Ze zijn steeds een stap eerder en spelen ook veel sneller, waardoor je soms echt wordt weggetikt. Ik durf niet te zeggen of we dichter bij die landen zijn gekomen, wel dat we als team weer stappen hebben gezet met zijn allen.”
Hattemer Pepijn kijkt wat dubbel terug op het EK, dat 27 juni begon en tot en met 4 juli duurde. Het was ‘pas’ zijn tweede grote internationale landentoernooi. Vorig jaar werd hij al geselecteerd voor de FIP Junior World Cup in Spanje.
“Of ik verwacht had dat ik geselecteerd zou worden? Dat gaat wat te ver. Ik train natuurlijk al mee bij de KNLTB, maar het is toch best spannend. Ik was wel opgelucht en blij dat ik uiteindelijk mee mocht. Eenmaal in Porto hadden we vervolgens wel wat geluk met de groepsloting.”
De Oranje jongens – U14, U16 en U18 – wonnen drie keer met 3-0 van Litouwen, Moldavië en Cyprus en met 2-1 van Oostenrijk. Tegen Moldavië kwam Pepijn succesvol in actie, al had hij liever meer gespeeld. “Mijn kamergenoot werd ziek tijdens het toernooi. Helaas ben ik daardoor ook drie dagen ziek geweest.”
Leerzame tijd
Oranje kwalificeerde zich uiteindelijk als groepswinnaar voor de Final Eight. Spanje, Zweden, België en Frankrijk waren daar al automatisch voor geplaatst. De wedstrijden volgden elkaar vervolgens in rap tempo op. Pepijn kwam in de tweede en derde wedstrijd tegen Frankrijk en Italië in actie. Die duels gingen net als tegen de Belgen en later tegen de Zweden en Denen met 3-0 verloren.
“Het was een hele ervaring en leerzame tijd. Dat neem ik allemaal straks weer mee in mijn ontwikkeling.”
En die gaat best goed, want Pepijn voetbalde heel lang bij Hatto Heim en speelt pas sinds vier jaar padel. Naast actief zijn op de World Cup en EK, behaalde hij ook al twee keer zilver op het NK. Zijn vader padelde al een paar jaar. Een selectiedag op de CSE Topsport Academie, deed het padelballetje letterlijk rollen.
“Afgelopen jaar trainde ik drie keer in de week op het CSE in Zwolle en had ik nog twee keer in de week bondstraining bij de KNLTB in Houten. Ook was ik tweemaal in de week in de sportschool te vinden. De weekenden bestonden vaak uit toernooien in binnen- en soms in het buitenland en het spelen in de seniorencompetitie.”
Supertof
Een bijzonder avontuur beleefde hij begin juni in Barcelona. Daar trainde hij met een maatje een week lang bij Club de Tenis Andrés Gimeno in Barcelona onder leiding van trainer Andrés Gimeno. “Je doet daar zulke andere oefeningen dan dat ik gewend ben, ook zijn de trainers daar net iets beter dan hier. Verder speelden we veel buiten en we leerden ook echt meer over tactiek. Het was supertof en heel leerzaam.”
Aanscherpen
Ook rond deze tijd vliegt Pepijn uit, maar dan voor vakantie. Begin augustus wacht hem al weer een druk programma met trainingen, toernooien en een KNLTB-trainingsdag in België.
“Ik ben veel stappen vooruitgegaan. Zeker fysiek, maar ook als je kijkt naar techniek, tactiek en mijn spel. Het is nu zaak om dat steeds te blijven aanscherpen. Ik ben inmiddels redelijk allround, het gaat goed, maar ik weet ook dat ik niet snel tevreden ben. Het kan altijd beter. Ik heb in ieder geval heel veel zin om zometeen weer vol aan de slag te gaan.”




























