Op het moment voor zijn herstel haatte hij zichzelf. "Mijn leven was toen een neerwaartse spiraal naar de hel."
Op het moment voor zijn herstel haatte hij zichzelf. "Mijn leven was toen een neerwaartse spiraal naar de hel." Foto: Pedro Sluiter

Ruben Runhaar debuteert met autobiografie ‘Lieve klootzak’

· leestijd 1 minuut Algemeen

ZWOLLE - Een paar jaar geleden lag Ruben Runhaar in zijn bed toen zijn leven in flitsen voorbij kwam. Het ware de mooie, maar ook de nare herinneringen van een zeer bewogen tijd. De volgende ochtend zette hij zich achter zijn laptop en stopte pas toen er 37 A4’tjes vol getypt waren. Dat was het begin van het boek, dat nu in alle Zwolse boekhandels te koop is; zijn autobiografie ‘Lieve Klootzak’.

(door Ingrid Oosten)

Het boek is opgedeeld in drie delen: Angst – Herstel – Groeien. In de openingsscene stap je samen met Runhaar als vijftienjarige jongen, met een pilletje op, in de trein. Het eerste deel eindigt ermee als hij als 22-jarige in de spiegel kijkt. 

“Als puber, en eigenlijk daarvoor ook al, was ik op zoek naar veiligheid en erkenning. Doordat mijn vader altijd aan het werk was en mijn moeder ziek, zocht ik de zekerheid buitenhuis. Ik zocht de raddraaiers op om gevaren te elimineren, want als dat mijn vrienden zijn, ben ik in ieder geval geen slachtoffer. Mijn doel was om bij de harde kern van toen nog FC Zwolle te komen. Dat is gelukt.”

Runhaar vertelt en schrijft eerlijk en rauw over zijn manier van opgroeien in de jaren negentig. Zwolle is daarin een belangrijk achtergrond decor. Hij spaart zichzelf niets en maakt het niet mooier dan het was. “Ik neem je mee in mijn gedachtegang. Ik leg uit waarom ik bepaalde keuzes maakte.” Het tweede deel gaat over herstel. Runhaar heeft daarin een lange weg afgelegd, van niet naar school gaan, falen, elke dag blowen, leven voor het weekend, voor de drugs en het voetbal. 

Op het moment voor zijn herstel haatte hij zichzelf, omdat hij dacht niks waard te zijn. Runhaar: “Mijn leven was toen een neerwaartse spiraal naar de hel.”

Het boek van Keith Bakker vormde voor Runhaar een omslagpunt. Voor het eerst las Runhaar een boek van iemand die hem begreep. Die snapte hoe het werkte met zijn verslaving. Runhaar hoopt ook met zijn boek anderen te helpen. 

“Ik hoop met dit boek dat de naasten van de verslaafde inzicht krijgen in hoe het verslaafde brein werkt. Maar het boek is ook voor de verslaafde zelf, zodat hij/zij van een ervaringsdeskundige kan lezen dat het kan; een clean leven en dat diegene ook hulp gaat zoeken.”
Een beetje gebruiken zit er voor Runhaar niet in. Het is alles of niets. Daarom heet het laatste deel ook groeien. Runhaar blijft een verslaafde; maar nu één die niet gebruikt en die een boek heeft geschreven.

“Mocht je iemand kennen die niet lekker gaat, geef dit boek, want daarmee laat je zien dat er voor iedereen nog hoop is. Het licht en duister vecht met elkaar, maar er is bij mij een winnaar uitgekomen”, besluit Runhaar. 

Gerard Meijeringh