
Staat PEC Zwolle straks goed aan de meet als competitiestartschot klinkt?
· leestijd 6 minuten SportPEC ZWOLLE - “Drie goals tegen in vijf minuten”, foeterde doelman Mike Hauptmeijer vrijdag na de letterlijk langdurige oefenwedstrijd tegen sc Heerenveen, die PEC Zwolle opgeteld met 5-2 verloor. Na vier weken voorbereiding, het einde van het trainingskamp in Epe en met nog drie weken te gaan, wanneer PEC op zondag 11 augustus aftrapt in en tegen Utrecht, is het tijd voor de tussenbalans. Staat PEC Zwolle waar het wil of moet staan of moet er nog heel veel gebeuren?
(door Erik Riemens)
Bovenstaand voorbeeld logenstraft de stelling dat resultaten in de voorbereiding er niet toe doen of niets zeggen. Want de woede-uitbarsting tegen de Friezen zei eigenlijk best veel. Hauptmeijer coachte Damian van der Haar om Ché Nunnely niet gevaarlijk te laten worden, maar dat gebeurde toch. Er volgde kortstondig onderling gebakkelei, waarna assistent-trainer Ronnie Pander vanaf de kant “accepteren!” riep.
Wat het dan precies zei? Dat de invulling als het gaat om namen en de positie van de poppetjes steeds een beetje duidelijker wordt. En dat moet ook wel, want PEC Zwolle is inmiddels ruim over de helft van de voorbereiding als het gaat om trainingstijd en -momenten en oefenwedstrijden. Officieel is er namelijk nog maar één oefenduel te gaan – vrijdag 26 juli thuis tegen De Graafschap al wordt gewerkt aan een ‘thuiswedstrijd’ op zondag 4 augustus – terwijl over drie weken FC Utrecht al wacht.
Parkeerdrukte
Laten we de wedstrijd tegen sc Heerenveen als vertrekpunt nemen. Officieel een besloten oefenduel, maar de parkeerdrukte en daardoor de ietwat lichte paniek bij de organisatie van Veluwse Boys in Garderen, gaven een ander beeld. Het was ook best druk langs de kant met fans, media en wie een rondje liep, kwam onder meer Riemer van der Velde, Dwight Lodeweges en ook technisch manager Marc Coonen tegen.
PEC Zwolle begon met zo zou je het toch kunnen noemen, de sterkste opstelling. Dat Jasper Schendelaar eerste keeper wordt is wel duidelijk. Kenneth Vermeer kwam de afgelopen periode weliswaar aan zijn eerste Zwolle speelminuten, wat hem niet altijd goed afging, maar geef trainer Johnny Jansen één reden om op basis van afgelopen seizoen en het heden nu een keeperswissel door te voeren?
De positie van rechtsback is dubbel bezet door Eliano Reijnders en Ajax-aanwinst Tristan Gooijer. Laatstgenoemde verdween de afgelopen seizoenen meerdere malen in de boekjes van scouts als centrale verdediger. Daar ligt ook zijn kracht, want een echte killer in duels is hij én ook Reijnders niet.
Centraal zijn Thomas Lam en Anselmo Garcia Mac Nulty de aangewezen personen, een rechts- en een linkspoot, waarbij Lam meer als de echt ervaren vrije man opereert en Garcia Mac Nulty zich met minder ruimte in zijn rug, meer in zijn element voelt dan al zwemmend aan de linkerkant. Bovendien is de Spanjaard een echte duelverdediger, al moet het soms dolle en druistige er nog wel wat af.
Positief
Thierry Lutonda, de andere aanwinst, viel zeker vrijdag positief op. Verdedigend doet de linksback wat hij moet doen, aanvallend deed hij ook mee, met een kanttekening. Vaak werkt het met verdedigers zo dat als ze zich op het voorwaartse pad begeven, het van belang is wie ze voor zich hebben staan. Is dat een middenvelder die ook verdedigend denkt, eentje die nogal eens verzaakt om bij balverlies om te schakelen en of de ‘voorganger’ links- of rechtsbenig is? Dat is nu nog niet duidelijk, waardoor Lutonda eigenlijk nog niet beoordeeld kan worden op zijn aanvallende vaardigheden.
Op het middenveld begon Jansen vrijdag met Anouar El Azzouzi, Davy van den Berg en Ody Velanas als vooruitgeschoven pion. El Azzouzi is een zekerheidje, longen en werklust als een paard dat steeds beter op de benen staat. Aanvoerder Van den Berg is een beetje een verhaal apart. Gaat en wil hij weg? Of geeft de band om de arm hem juist meer status en een grotere verantwoordelijkheid? En trekt hem dat over de streep voor een langer Zwols verblijf?
Balverliefd
Dat hij belangrijk is voor het elftal, is zo duidelijk als wat. Van den Berg is een speler die altijd in de bal wil komen en ‘m ook opeist. In een moeilijke fase in een wedstrijd, kan dat prettig zijn voor een ploeg, zeker als andere spelers zich wat verschuilen.
Tegelijkertijd is hij ook bovenmatig balverliefd, wat af en toe vertragend werkt. Even dat extra balcontact, nog weer een keer de drukte indraaien en balletje aan de voet, dat kan soms ook contraproductief werken. Maar wat je ook van de Zwolse middenvelder vindt, hij maakt (bijna) alleen maar mooie doelpunten. Bij zijn gelijkmaker vrijdag tegen Heerenveen – een lob van eigen helft – kwamen zijn gogme en techniek letterlijk treffend samen.
Velanas is ook zo’n speler die je bekoort of niet. Dat Jansen veel of meer van hem verwacht op die tien-positie, blijkt wel uit de talloze aanwijzingen richting hem, waarbij het vooral gaat om op de juiste plek en momenten de bal op te eisen en ruimtes te kiezen. Tegelijkertijd heeft de middenvelder het in zich om een wedstrijd open te breken met een assist of doelpunt en heeft hij het voordeel dat hij ook aan de linkerkant of eventueel als tweede spits kan spelen.
Zorgenkindje
Gaan we een linie verder, dan komen we bij het Zwolse zorgenkindje: de aanval. Filip Krastev is sinds kort weer in de warme Zwolse armen gesloten. Hij is en blijft een balvaardige en behendige speler, maar bij de Bulgaar is met name interessant waar hij komt te spelen. Nu stond hij aan de linkerkant, dat kan te maken hebben met weer wat gewenning.
Krastev is creatief aan de bal en dat is zeker een pluspunt, alleen is ook hij niet de buitenspeler van de acties, de achterlijn halen en de diepte. Is hij dan de man voor centraal? In balbezit zeker wel, maar juist op die positie kan balverlies of een riskante breedtepass ‘killing’ zijn en dat had Krastev afgelopen seizoenshelft net iets te vaak.
Aan de andere kant stond in de eerste helft Reijnders, dienend als altijd, maar ook niet de speler die keer op keer voorzetten op maat aflevert en constant diep gestuurd kan worden, omdat hij de ruimte achter de vijandige laatste linie prima kan bespelen. Wel lijkt een positie aan de rechterkant, waar hij bijna een heel seizoen bij Jong FC Utrecht speelde, hem beter te passen dan linksvoorin.
Daartussen bevond zich Tomas Buitink. Vrijdag was dat spreekwoordelijk op een onbereikbaar eiland. Het aantal balcontacten van de spits met een 3-jarig contract op zak (!), was miniem. Buitink was ook helemaal niet gevaarlijk, maakte zijn status als eerste spits bepaald niet waar en wat vooral opviel: wat voor een aanvaller is hij nou eigenlijk?
Jas
Van een Tolis Vellios weet je het. Pinchhitter, openbreker en de man voor de lange, hoge bal. Bij Lennart Thy was het ook duidelijk. Het slim uitzakken, het ragfijne neusje voor de goal en het veelal op de goede plek staan. En vooral veel scorend. Maar wat is Buitink? Een hard werkende aanvaller, een spits die juist gedijt met flankspelers, eentje die als een echte negen opereert, of juist iemand die de jas past van een twee spitsen systeem, waarbij hij voor of naast een andere voorhoedespeler het beste uit de bus komt?
Er circuleren vooralsnog veel vraagtekens boven Buitinks hoofd, aan de andere kant; iedere club in Nederland zoekt een jeugdige spits die er meteen staat en 10 tot 15 doelpunten maakt. Alleen dat maakt de spoeling wel flinterdun.
De selectie van PEC Zwolle telde vrijdag voor de in totaal 135 minuten speeltijd (45 + 30 minuten voor ploeg 1 en ploeg 2 speelde 45 + 15 minuten) 31 namen. De jeugdspelers Chadid el Allachi, Zaid el Morabit en David Voute kwamen niet in actie, net als doelman Duke Verduin en de geblesseerden Ryan Thomas en Samir Lagsir. Van de jeugdspelers viel Gabriël Reiziger, maar vooral centrale verdediger Rodney Kroeze andermaal positief op. Hij voetbalde met flair en lef, zijn makke is vooralsnog het gebrek aan coaching, maar dat is wellicht ook een kwestie van tijd, ervaring en zich comfortabel voelen.
En dan is er nog het trio Van der Haar, Teun Gijselhart en Mo Oukhattou, die stuk voor stuk eigenlijk nu stappen moeten maken. Talent hebben ze zeker, maar op basis van de ontmoeting tegen Heerenveen en het zicht- en hoorbare ongenoegen van Jansen aan de zijlijn, schurken ze zeker nog niet aan tegen een basisplaats. Dat laatste geldt ook voor spelers als Anthony Fontana, die al snel geblesseerd uitviel en Divaio Bobson.
Doodlopend
Conclusie na vrijdag en de eerste fase van de voorbereiding is dat PEC Zwolle achterin en op het middenveld redelijk goed uit de voeten kan en dat het zwaartepunt van de zoektocht vooral voorin ligt. Een centrumspits, twee flankspelers met diepgang – al heeft PEC Kaj de Rooij ook nog achter de hand – én vooral duidelijkheid als het gaat om hoe PEC de doelpunten gaat maken.
Met andere woorden met welk type spelers en hoe wil het de frontlinie verder vormgeven. Iets dat tegenwoordig belangrijker lijkt te zijn dan het systeem. Overduidelijk werd vrijdag ook dat het team de creativiteit van Younes Namli mist. Het openbreken van een wedstrijd, een weergaloze assist of een creatieve zwerftocht over het veld, soms onnavolgbaar en doodlopend, maar ook zo vaak succesvol en doeltreffend. Het is er (nu) nog niet. Misschien toch weer een lijntje leggen met Namli, zo wordt her en der gesuggereerd.
Bouwstenen
Kortom, PEC Zwolle staat nu nog volop in de steigers voor het naderende seizoen. De fundering ligt er, sommige muren staan stevig met cement en al, maar voor andere plekken zijn nog de juiste bouwstenen nodig. Aan technisch directeur Gery Hamstra de taak om het PEC Zwolle huis voor zondag 11 augustus 14.30 uur in de juiste staat op te leveren.































