De Herberg.
De Herberg. Foto: Erik-Jan Berends

‘Opvang van dak- en thuislozen kan nog steeds veel beter’

· leestijd 4 minuten Algemeen

(door Erik-Jan Berends)

ZWOLLE – Een vrouw die wekenlang dood in haar woning ligt, dak- en thuislozen die zonder pardon in de cel worden gegooid, het is een doorn in het oog van hun ‘Godfather’ Joop van Ommen. “De instanties hebben in al die tijd nog niets geleerd.” Ervaringsdeskundige Marcel (58) geeft zijn visie.

Als hij in 1982 terugkomt van zijn vredesmissie met Unifil in Libanon gaat het mis. “Ik ontmoette de verkeerde vrienden, kwam in illegale gokhallen en raakte verslaafd. Een periode die ruim 25 jaar ging duren. Soms ging het even weer een paar maanden goed. Ik kwam in de Herberg bij Joop en stond daar echt bekend als extreem problematische gebruiker en kwam in het laatje van pappen en nathouden.” Aan die situatie komt twaalf jaar geleden een einde als hij naar Thailand vertrekt. Marcel kwam in een klooster. “Eigenlijk wel een beetje een vergelijkbare omgeving als het leger: alleen mannen en een hiërarchische structuur.” In die periode leert hij ook zijn vrouw kennen, waarmee hij nu tien jaar is getrouwd.

Monniken

Als hij hoort dat zijn vader lijdt aan de ziekte van Kahler (een kwaadaardig kanker, red.) keert hij met zijn vrouw terug naar Nederland om voor hem te zorgen. Op straat komt hij een voormalig hulpverlener tegen. “Toen werd ik geconfronteerd met de arrogantie van de hulpverlener”, zegt Marcel. “Toen ik hem vertelde over het klooster, vroeg die hoe het daar was. ‘Gewoon, niet lullen maar poetsen’, heb ik hem geantwoord. Ik zag dat hij dacht dat ik op het punt van terugvallen stond, zonder psychiaters en therapeuten. Maar de monniken hadden hun kennis niet uit de boeken, maar vooral uit de wijsheid van het leven. Dat zijn voor mij heel verschillende dingen.”

Broodtrommeltje

Met zijn militair invaliditeitspensioen zag Marcel kans met zijn vrouw een seniorenwoning in De Havezate te betrekken. Het gaat goed met het paar en de metaalbewerker heeft zojuist te horen gekregen dat hij een vaste aanstelling krijgt. “Ik heb nooit geloofd dat dit leven bij me zou passen. In de Herberg verafschuwde ik het idee om eenmaal per jaar op vakantie te gaan en twee keer naar Center Parcs. Wat ik nu doe, is heel wat anders dan het leven doorleven. In zie nog oude maten waarmee ik heb gebruikt. Zij lopen nu met een rollator en ik ga met m’n broodtrommeltje naar het werk.”

Zingeving

Marcel zegt dat hij in het klooster de basis heeft gevonden om het leven weer aan te kunnen. “Maar dat is niet voor alle mensen de oplossing, het is geen nieuwe therapie”, benadrukt hij. “Iedere dak- en thuisloze heeft een eigen aanpak nodig. Thailand zou ook voor anderen kunnen werken, maar het moet bij je passen. Bij mij ging het om zingeving maar de aanpak is bij iedere verslaving anders. Ieder heeft zijn eigen verhaal, zijn of haar eigen rugzakje.”

‘Kunstje’

Op de manier waarop de huidige opvang gebeurt, is nog wel wat aan te merken, vindt hij. “Al praat ik natuurlijk wel uit mijn eigen verleden. Toen was er een soort centraal orgaan waar wekelijks mensen werden besproken. Bijvoorbeeld over hun trajecten, wie er in de stad waren gekomen en wie was bekeurd. Nu zie ik vaak jonge hulpverleners die pas hun opleiding hebben afgerond en een ‘kunstje’ hebben geleerd. Ze spreken een andere taal. Zij zeggen bijvoorbeeld ‘uw gedrag is niet passend’, terwijl je veel dak- en thuislozen gewoon moet commanderen ‘kop dicht en ga zitten!’. Het zijn van die kleine dingen in de aanpak die escalaties kunnen voorkomen.”

Oplossing

De hulpverleners hebben op hun wijze volgens Marcel vaak niet in de gaten dat het misgaat. “Soms is er geen andere oplossing dan een dak- of thuisloze even in de cel te gooien, zodat die even uit de maatschappij is. Maar meestal zijn het geen criminelen. De zorg van Joop is dat dit steeds erger wordt, al vind ik wel dat hij soms door een erg donkere zonnebril kijkt. Hij heeft, denk ik, het gevoel dat wat hij heeft opgebouwd teniet gaat. Ik denk dat we naar een soort multidisciplinair team moeten dat dagelijks de problemen bespreekt en kijkt hoe en waar gerichte huisvesting gevonden kan worden, hoe mensen begeleid moeten worden en hoe mensen op te vangen die net op straat staan. Moet je die wel tussen hardcore gebruikers plaatsen? Ik zie ook jongeren vereenzamen. Die zou je structureler activiteiten moeten aanbieden. De aanpak moet veel gerichter; het is vaak teveel eenheidsworst.”

Marcel is niet de juiste naam van de ervaringsdeskundige. Uit privacyoverwegingen is gebruik gemaakt van een pseudoniem.

Reactie RIBW-groep Overijssel

“Allereerst vinden we het als RIBW-groep Overijssel heel positief dat jullie een ervaringsverhaal plaatsen en hiervoor aandacht vragen. Voor veel mensen is het leven van een dak- en thuisloze een wereld die ze niet kennen. Toch kan het iedereen overkomen, als het in je leven even niet gaat zoals je wilt. Belangrijk is dan dat we omzien naar elkaar.”

“Fijn om te horen dat het inmiddels goed gaat met Marcel en dat hij zijn leven op de rails heeft. Zijn mening over hulpverleners is uiteraard een hele persoonlijke, gebaseerd op zijn eigen ervaring. Voor ons goed om te horen hoe hij dit heeft ervaren en welke suggesties hij heeft. We gaan hierover altijd in gesprek met de cliënt. Herstellen doet de cliënt immers zelf; vanuit RIBW ondersteunen we daarbij. Onze herstelfilosofie is de laatste jaren sterk veranderd. We zetten veel meer in op eigen regie en keuzevrijheid. We begeleiden vanuit de kracht van de wijk, met hulp van naasten, ervaringsdeskundigen, vrijwilligers en onze samenwerkingspartners. We werken daarbij heel bewust met ervaringsdeskundigen, zodat cliënten het gevoel hebben dat ze begrepen worden en hun verhaal herkenbaar is. Samen met de gemeente onderzoeken we de mogelijkheden voor doelgroepgerichte opvang. Dit betekent niet één centrale opvang voor alle dak- en thuislozen. Maar zoals gezegd, ervaringsverhalen en verbetersuggesties zijn altijd welkom. Daar kunnen we alleen maar van leren.”